Tot ze ermee om de oren worden geslagen

Ik vind het ontzettend fascinerend om te zien hoe lang de grote kudde beleggers harde cijfers en feiten blijft negeren. Hoe grote groepen mensen in staat zijn om zichzelf wat wijs te maken.

Vrijdag vertelde ik u al over een peperduur tech-aandeel waarvan alle cijfers er absoluut rampzalig uitzien.

En vorige week over een regelrecht geval van fraude, waarvoor één van de allerbeste short-sellers ruim een jaar lang waarschuwde.

Daarnaast hoef je maar naar Tesla te kijken. Als je je op de feiten richt, dan is er werkelijk niets positiefs meer te vinden aan Tesla.

Peperduur aandeel, belabberde cijfers, stelselmatig gebroken beloften, vertrekkende directieleden én een stroom berichten over de slechte kwaliteit auto’s. Dat allemaal terwijl concurrenten hard aan de weg timmeren.

Het is van alle tijden
Harde feiten. Beleggers negeren ze totdat ze ermee om de oren worden geslagen.

Toen ik gisteren Fred Hickey’s maandelijkse High Tech Strategist nieuwsbrief las, werd mij nog eens duidelijk dat dit van alle tijden is.

In 2000 en in 2008 negeerden beleggers de harde feiten totdat er paniek uitbrak.

Onoverwinnelijk
In 2000 werden Microsoft, Cisco, Intel en Qualcom the invincibles, ofwel de onoverwinnelijken genoemd. Aandelen waarvan de koers niet omlaag kon. Beleggers kochten deze aandelen dan ook massaal.

Het waren inderdaad ook toen al zeer goed presterende bedrijven. Alleen waren de aandelen belachelijk duur geworden. Geen mens die daar echter een probleem mee had.

Toen de realiteit eindelijk doordrong, knalden de koersen ongenadig hard omlaag.

Drie van deze vier invincibles noteren nu, 18 jaar later, nog steeds lager dan toen.

FAANG-aandelen
Nu hebben we FAANG-aandelen (Facebook, Amazon, Apple, Netflix, Google) die de beurs omhoog stuwen.

En we zien dat aandelen ook nu belachelijk duur zijn, terwijl deze bedrijven qua kwaliteit niet kunnen tippen aan de hierboven vermelde aandelen.

Amazon noteert 242 en Netflix 252 keer de winst. Onvoorstelbaar.

Zodra de harde feiten daadwerkelijk doordringen, gaat precies hetzelfde gebeuren als in 2000.

De koersen van FAANG-aandelen én de koersen van alle andere gehypete tech-aandelen zullen ongenadig hard dalen.

Wanneer gaat de realiteit bij beleggers doordringen?
Dat weet niemand precies, maar de stijgende rente zorgt ervoor dat dat moment met rasse schreden naderbij komt.

Stijgende rente is de vijand van beleggers in het algemeen. Maar is vooral de vijand van tech-bedrijven die tot nu toe overleefden omdat ze zowat gratis geld konden lenen.

Zodra de realiteit doordringt, gaat iedereen tegelijk naar de uitgang willen. Waardoor koersen in korte tijd enorm hard zullen dalen.

90% tot 100% koersdalingen zijn onvermijdelijk
Ik vertelde u al eerder dat we een watchlist met ruim 30 kandidaten voor 90% tot 100% koersdalingen hadden. Daar zijn deze week nog een aantal aandelen bijgekomen.

Allemaal peperdure aandelen van bedrijven die jaar-in-jaar-uit verlies lijden. Allemaal topkandidaat voor 90% tot 100% koersdalingen.

Zodra we een mooi signaal zien
We houden iedere dag de koersgrafieken van de door ons geselecteerde aandelen in de gaten. Zodra we een mooi signaal zien, sturen we u dat toe.

Dit is een unieke situatie. Profiteer met ons mee!
Bestel hier het rapport “De Nieuwe Internet Hype”

 

Deel dit artikel per mail of via uw sociale media:

Facebook  Twitter  WhatsApp  Google+  LinkedIn  Email  Addthis

 

Deel dit artikel per mail of via uw sociale media:

Zes grote namen

De beurstrend is nog altijd stijgend. Dit jaar steeg de beurs met ongeveer 5%.

Als je echter wat verder kijkt, dan zie je dat die stijgende beurs vooral wordt veroorzaakt door enkele zeer grote tech-aandelen, die het zwaarst wegen op de beursindices.

Google (+9%), Netflix (+14%), Amazon (+20%), Apple (+23%), Facebook (+25%) en Tesla (+42%) hebben er samen voor gezorgd dat de beursindex dit jaar is gestegen.

Blinde beleggers kopen grote namen
Beleggers kopen massaal dit soort aandelen omdat het bekende namen zijn, zonder dat ze zich ook maar één seconde afvragen hoeveel deze bedrijven werkelijk waard zijn.

Dat doet mij denken aan onderstaande quote van de in 2004 overleden superbelegger Philip Fisher.

De beurs wordt bevolkt door mensen die van alle aandelen wel de prijs weten, maar niet de werkelijke waarde.

Met onze TopAandelen strategie hebben we daar last van.

Want de vele miljarden die richting dit soort zwaar overgewaardeerde tech-aandelen gaan, kunnen uiteraard niet in andere aandelen worden belegd.

Als de koersen van deze aandelen gaan dalen…
Buiten de hierboven vermelde zes aandelen om, is het sentiment echter een stuk minder positief. Of misschien zelfs negatief.

Dit betekent dat de huidige beursstijging niet bepaald breed wordt gedragen. Net zoals dat in 1999 het geval was.

Zodra de koersen van deze aandelen straks gaan dalen, kan het met de beursindices hard omlaag gaan. Net zoals in de jaren 2000-2002 het geval was.

Mooie koersstijgingen tijdens forse beursdaling
Positieve noot hierbij is dat de focus van beleggers dan weer op value komt te liggen. Beleggers gaan zich dan weer richten op wat een bedrijf daadwerkelijk waard is.

Waardoor je met aandelen die nu spotgoedkoop, dus ondergewaardeerd zijn, tijdens een forse beursdaling mooie koerswinsten kunt behalen. Net zoals dat in de jaren 2000-2002 het geval was.

Met onze TopAandelen strategie gaan we daarvan profiteren én van de enorme koersstijgingen die we verwachten voor de aandelen uit de bonus rapporten die je gratis bij een abonnement krijgt. Klik hier om abonnee te worden!

 

 

 

Deel dit artikel per mail of via uw sociale media:

Waarom doe je zo weinig aan werving?

(door Tom Lassing)
Van een abonnee van
BeursAccent kreeg ik de vraag waarom ik eigenlijk zo weinig aan werving doe voor mijn eigen BeursAccent service. Hoewel zeker niet alles in portefeuille op winst staat, is de BeursAccent abonnee zeer tevreden over de service en daarbij leert hij óók veel over beleggen en de economie.

De abonnee heeft een punt. Ik beschuldigde Apple er vroeger altijd van dat ze hun kwaliteitsproduct (de Macintosh computer) niet goed aan het promoten waren omdat ze dachten dat kwaliteit zichzelf wel verkocht. Dat doet het echter niet. Zelfs kwaliteit heeft goede marketing nodig. Apple heeft dat op een bepaald moment begrepen, en de rest is geschiedenis.

Misschien komt het omdat BeursAccent van mezelf is. En misschien ben ik (net als Apple toen) gewoon een slechte verkoper. Daarmee doe ik mezelf geen plezier, want ik zou veel meer omzet kunnen maken met een betere marketing. En misschien zou ik beleggers er ook meer plezier mee doen als ik deze unieke service wat meer aandacht zou geven.

Anders
Het is echter een service die nogal ‘anders’ is. Het is een service die geduld vergt. En een lange termijn visie. Ik heb bijvoorbeeld in portefeuille nog wel wat posities die al in 2007 zijn ingenomen. Daar doe ik dan af en toe een mutatie op zodat nieuwe abonnees ook nog in kunnen stappen, maar het houdt in dat bepaalde posities al vier jaar in portefeuille zijn.

Wetende dat de meeste particuliere beleggers al binnen drie jaar stoppen met beleggen, houdt dat in dat ik ver over de horizon van veel beleggers heen ga. Misschien dat ik daarom wat minder hard durf in te zetten op BeursAccent.

Als u echter een lange termijn belegger bent die wil gaan voor kwaliteit, dan is het voor u misschien wél een goed idee om eens te gaan kijken op de website van BeursAccent.

 

Deel dit artikel per mail of via uw sociale media:

Deflatie. Dát zou pas fantastisch zijn!

Het ideale scenario van centrale bankiers is een jaarlijkse inflatie van ongeveer 2%. Hogere inflatie is slecht en deflatie moeten we tegen iedere prijs zien te voorkomen, want dat zou pas écht een ramp zijn! Het laatste jaar hebben we heel vaak gehoord dat we maar beter hopen en bidden dat er geen deflatie komt, want als dat gebeurt zijn de rapen gaar. Om er daarna een welgemeend “kijk maar naar Japan!” aan toe te voegen. Eerst even wat corrigeren
We spreken over inflatie als prijzen stijgen en van deflatie als prijzen dalen. Dat is per definitie al onjuist. Van inflatie spreken we als de hoeveelheid geld in omloop stijgt. Van deflatie als de hoeveelheid geld in omloop daalt. Prijsstijgingen en -dalingen zijn slechts een gevolg daarvan. Het is uiteraard niet onze bedoeling om principieel te gaan doen, maar het is wel belangrijk om bovenstaand in het achterhoofd te houden. Hieronder misbruiken we de termen inflatie en deflatie voor het gemak even op dezelfde manier als overal ter wereld in de media gebeurt.

Waarom inflatie slecht is
Als je salaris gelijk blijft en prijzen stijgen, dan kan je minder kopen en wordt je per saldo armer. Het is dan ook best leuk dat die centrale bankier 2% inflatie willen, maar als vervolgens jouw baas besluit om de salarissen dit jaar niet te verhogen, dan heb je volgend jaar effectief 2% lager inkomen. Ik weet niet hoe u het ziet, maar ik zou veel liever helemaal geen prijsstijgingen zien. En als er straks net als in de jaren ’70 een procentje of tien inflatie is, dan wil ik wel eens zien of je baas je salaris met 10% verhoogt.

Voor deflatie geldt het omgekeerde
Deflatie betekent in de volksmond dus dalende prijzen. Wie kan daar nu tegen zijn? Als er volgend jaar 2% deflatie is, dan zou je baas je salaris al met 2% moeten verlagen, wil je volgend jaar evenveel te besteden hebben. Dit gebeurt echter niet, zodat je koopkracht er alleen maar op vooruit gaat.

Het argument voor “deflatie is een ramp”
Het enige wat economen je vertellen is dat deflatie ervoor zorgt dat mensen verwachten dat prijzen verder zullen dalen en dus hun aankopen zullen uitstellen, waardoor consumentenbestedingen fors zullen dalen en de economie in een langdurige recessie zal belanden. Kijk maar naar Japan, krijg je vervolgens als toegift mee om het er nog eens goed in te wrijven.

De i-pad als voorbeeld
Het punt is echter dat mensen hun aankopen helemaal niet uitstellen. Ten eerste geldt voor heel veel uitgaven dat je die niet kúnt uitstellen. En ten tweede geldt dat mensen zelfs van producten waarvan ze 100% zeker weten dat ze in de toekomst fors goedkoper worden, toch direct kopen. Neem nu de i-pad van Apple. Dit ding is net uitgekomen en er is een ware rush op. We weten echter nu al zeker dat het ding over twee jaar ongeveer de helft goedkoper gaat zijn én beter zal functioneren én meer functies zal hebben. Dat zijn maar liefst drie dwingende redenen om de aankoop van een i-pad vooral uit te stellen. En tóch zijn die dingen niet aan te slepen! Naast de i-pad kunnen we hele lijsten maken van producten die jaren achtereen fors in prijs zijn gedaald, van flatscreen televisies tot laptops, van mobiele telefoons tot gps kastjes.

Bij algemene deflatie geldt ten eerste dat het over een prijsdaling van hooguit enkele procenten gaat en ten tweede dat je absoluut niet kunt weten of die prijsdaling volgend jaar door zal zetten. Hoe kan iemand dan nog met droge ogen beweren dat deflatie ervoor zorgt dat mensen hun aankopen zullen uitstellen?

De zaken omgedraaid
Voor wat betreft Japan worden de zaken altijd zodanig voorgesteld alsof de economische problemen het gevolg van deflatie zijn. Het is echter andersom. Deflatie is het gevolg van de specifieke economische problemen in Japan. Die problemen zijn weer het gevolg zijn van een specifiek Japanse oorzaak en specifieke Japanse blunders die gemaakt zijn na het barsten van de bubbel in 1990. Zouden prijzen de afgelopen jaren zijn gestegen, dan zou de Japanse consument er alleen maar slechter aan toe zijn. Voor de Japanse burger is deflatie dan ook een geluk bij een ongeluk. Het verwijzen naar Japan als spookscenario is dan ook absolute nonsens.

Helaas voor ons allemaal verwachten wij de komende jaren geen dalende, maar juist stijgende prijzen. Vervelend, want ik zou deflatie van harte verwelkomen!

 

Deel dit artikel per mail of via uw sociale media: